De overgang gaat over meer dan hormonen.

Laatst googelde ik “premenopauze klachten”. Binnen twee seconden stond mijn scherm vol. Opvliegers. Nachtzweten. Droge huid. Gewichtstoename. Slapeloosheid. Supplementen die beloven je hormonen weer “in balans” te brengen. Hormoontherapie, voor en tegen. Een oneindige stroom van artikelen over wat er met mijn lichaam zou kunnen gaan gebeuren en vooral wat je “er tegen kan doen.”

Wat ik nergens vond, was een artikel met uitleg over waarom ik ineens anders naar mijn werk kijk. Waarom vrijheid belangrijker lijkt te worden dan carrière. Of waarom ik merk dat een vraag die me al langer bezighoudt, steeds luider wordt: leef ik het leven dat echt bij mij past, of vooral het leven dat gaandeweg is ontstaan?

Dat verbaasde me niet per se. Maar het zette me wel aan het denken.

Waarom hebben we het maatschappelijke gesprek eigenlijk zo smal gemaakt?

We lijken de overgang steeds beter te begrijpen als medisch verschijnsel, maar veel minder als levensfase. We praten erover bijna uitsluitend als iets dat met ons lichaam gebeurt, terwijl het gevoel dat ík, en volgens mij heel veel vrouwen om me heen ervaar zoveel breder is.

Het blijkt niet alleen mijn eigen gevoel te zijn. De Deense huisarts en onderzoeker Lotte Hvas noemt de overgang een omgekeerde puberteit: net als in de tienerjaren moeten we een nieuwe identiteit en een nieuwe rol ontwikkelen. Ditmaal met de vraag hoe te leven in de jaren dat we niet meer menstrueren en kinderen kunnen krijgen.

Dus nee, ik verzin dit niet. Het is geen kwestie van “ik voel me toevallig ook een beetje onrustig.” Er zit een heel ontwikkelingsproces achter, vergelijkbaar met wat we op ons vijftiende doormaakten. Alleen dan omgekeerd, en zonder dat iemand ons erop voorbereidt.

Als ik het heb over “de overgang”, heb ik het dus niet alleen over opvliegers en oestrogeen. Ik heb het over een levensfase waarin zoveel tegelijk beweegt: je lichaam, maar ook je werk, je relaties, je dromen — vooral die dromen die je misschien jarenlang hebt uitgesteld “voor als de kinderen groter zijn” of “voor als de hypotheek is afbetaald.”

Die dromen komen in deze fase vaak weer naar boven, of je er klaar voor bent of niet.

Waarom horen we dit dan zo weinig? Een groep medisch specialisten zoekt in een editorial in Frontiers in Reproductive Health naar het antwoord, en wijst naar de spreekkamer én het onderzoek zelf: er is domweg geen taal voor ontwikkeld. Artsen zijn getraind om te vragen naar slaap, stemming en opvliegers, maar niet naar identiteit.

Ik snap wel waarom opvliegers en schommelende hormonen zoveel aandacht krijgen.

Ze zijn concreet, meetbaar, en er is inmiddels goede medische kennis over. Dat is winst, geen kritiek. Maar het betekent niet dat de rest van het verhaal er minder toe doet. Misschien voelen veel vrouwen zich uiteindelijk niet het meest onbegrepen door hun lichamelijke klachten, maar door de stilte eromheen doordat bijna niemand, ook zijzelf niet, de vraag durft te stellen hoe het eigenlijk met de rest van hun leven gaat.

En misschien is dát wel het gesprek dat we veel vaker zouden moeten voeren. Over identiteit. Over werk dat niet meer past zoals het vroeger paste. Over relaties die opnieuw uitgevonden worden. Over dromen die je nooit had opgegeven, ook al leek het soms wel zo.

Want ik geloof dat de overgang niet alleen een medische gebeurtenis is die je moet doorstaan. Het is ook een uitnodiging om jezelf een paar ongemakkelijke, eerlijke vragen te stellen. En dat verdient minstens zoveel aandacht als onze hormoonspiegel.

Wil je lezen welke vragen ik mijzelf stel in deze nieuwe levensfase? Lees het hier →

Praat mee!

daniëlle

Ik ben Daniëlle. 39 jaar en aan het begin van de overgang naar een nieuwe levensfase.

Op deze blog schrijf ik over wat ik en andere vrouwen onderweg tegenkomen: verhalen over alles wat verandert, de overgang en gezond ouder worden.

Over werk, relaties, dromen en de vraag wat je eigenlijk nog wilt met de jaren die voor je liggen.

Lees meer

Ontdek meer van Daniëlle Halman

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder